Zoutfabels

Deze maand was er twee weken lang de Zoutchallenge. In dit artikel bespreken we zes uitspraken over zout. Wat is er nu waar en niet waar?
  1. Van te veel zout krijg je overgewicht.
    Fabel. Het zout zelf zorgt niet voor overgewicht. Het is wél zo dat het vooral in sterk bewerkte producten zit. En deze producten zijn vaak rijk aan calorieën, waar je dus dik van kan worden. Als je erg vaak op de weegschaal staat valt het misschien op dat je gewicht hoger is na een maaltijd met meer zout dan normaal. Dit komt omdat je meer vocht vasthoudt. Dit extra vocht verdwijnt vanzelf na ongeveer een dag. 
  2. Als ik geen zout aan mijn eten toevoeg, doe ik het al goed.
    Fabel. Het is een goede gewoonte om geen zout toe te voegen. Maar helaas: slechts 20% van wat we binnenkrijgen voegen we zelf toe aan het eten tijdens het koken of aan tafel. We eten ongeveer 9 gram zout per dag, terwijl de aanbeveling 6 gram is. Dus zelfs als je het zout aan tafel en in de keuken weglaat, krijg je al ruim 7 gram binnen. Voldoen aan de richtlijnen vereist dus meer dan alleen de zoutpot negeren. Kies minder zout vleesbeleg (laat alle soorten worst en rookvlees liever liggen), en minder kant-en-klare producten.
  3. Als ik voldoe aan de Nederlandse norm van 6 gram ben ik gezond bezig.
    Fabel. Ook hier moeten we je teleurstellen. De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) adviseert zelfs een maximum van 5 gram per dag. In Amerika en Duitsland wordt er 3-4 gram per dag aanbevolen. De Nederlandse norm is dus al ruim opgezet.
  4. Er bestaat gezond zout.
    Fabel. Himalayazout, roze zout, zwart zout, keltisch zout, zwart zout, mensen denken dat deze varianten gezond zijn. Helaas bestaan deze zouten nog steeds voor 98% uit natriumchloride. En het natrium is het schadelijkste deel van zout. 
  5. Minder zout voorkomt sterfgevallen.
    Feit. Het klinkt extreem, maar het is waar! Als iedereen zich aan het maximum van 6 gram per dag zou houden, worden er 150.000 gevallen van chronische nierschade en 250 gevallen van nierfalen voorkomen. Deze aandoeningen zijn heel ernstig.
  6. Na zweten, diarree of overgeven moet je zoutverlies compenseren.
    Fabel. In zweet zit zout, dus als je flink zweet of overgeeft verlies je zout. Maar de hoeveelheid die je verliest is over het algemeen zó laag, en de inname van zout over het algemeen zó hoog, dat je nooit aan een zouttekort kan komen. Vocht aanvullen is veel belangrijker. Alleen in extreme situaties kan het nodig zijn om zout aan te vullen: bij extreem, langdurig overgeven of diarree, of bij langdurige extreme inspanning (een Vierdaagse lopen bij een hittegolf bijvoorbeeld).

terug naar nieuws